Onvoldoende maatregelen
Op 23 januari 2024 was het slachtoffer op het terrein bezig met schoonmaakwerkzaamheden aan zijn vrachtwagen, nadat hij grond had gelost. Tegelijkertijd werd de geloste grond door een shovel richting een depot opgeduwd. Tijdens het achteruitrijden van de shovel is het slachtoffer aangereden. Door beknelling is hij ter plaatse aan zijn verwondingen overleden. Onderzoek van de Nederlandse Arbeidsinspectie wijst uit dat er op het terrein onvoldoende maatregelen waren getroffen om de veiligheid van werknemers en chauffeurs van externe bedrijven te waarborgen. Zo stonden er geen verkeersborden die wezen op vastgestelde verkeersregels. Ook was geen aparte veilige zone ingericht waar chauffeurs hun voertuigen konden schoonmaken. Daardoor konden voetgangers en mobiele voertuigen zich ongehinderd in hetzelfde werkgebied begeven.
Dood door schuld
Volgens het OM heeft het bedrijf zich daarmee schuldig gemaakt aan dood door schuld, door werkzaamheden te laten uitvoeren op het buitenterrein terwijl de veiligheid en gezondheid van werknemers en externen niet kon worden gewaarborgd. Het bedrijf heeft volgens het OM nagelaten doeltreffende maatregelen te treffen om ongevallen te voorkomen. Zo ontbrak een schriftelijk verkeersplan en werden bepaalde maatregelen uit de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E), waaronder het scheiden van voetgangers en rijdend materieel, niet uitgevoerd.
Aanscherping werkinstructies
Na het ongeval heeft het bedrijf het veiligheidsbeleid aangepast en zowel op de locatie Landgraaf als op overige locaties een veelheid aan maatregelen getroffen, met name op het gebied van mens-machine scheiding. Werkinstructies zijn aangescherpt en medewerkers hebben aanvullende voorlichting gekregen over veilig werken op het terrein. Het OM heeft deze maatregelen meegewogen bij de afdoening van de zaak. Het bedrijf krijgt door het OM een strafbeschikking opgelegd in de vorm van een boete van 150.000 euro.
De shovelmachinist
De shovelmachinist heeft verklaard dat hij in de veronderstelling was dat het slachtoffer op het moment van achteruitrijden in de cabine van zijn vrachtwagen zat, en niet achter zijn vrachtwagen stond. Uit onderzoek is gebleken dat de machinist had kunnen weten en zien dat dat niet het geval was. Bovendien had de machinist zichzelf ervan kunnen verzekeren dat het veilig was om achteruit te rijden, maar heeft dit nagelaten. Het OM legt hem daarom 60 uur taakstraf op.
Het OM weegt bij de oplegging van de straf zwaar mee dat het primair de taak van de werkgever is om zorg te dragen voor een veilige werkomgeving voor zowel werknemers als externen. Daarnaast houdt het OM er rekening mee dat de shovelmachinist medewerking heeft verleend aan een mediationgesprek met de nabestaande.

29.6 ℃





































